www.zoetwatervissen-nederland.nl

none
   Home  lijst van vissen  zoeken  contact
 doneer 1,30 euro
doneer 5 euro
 
   

De Europese meerval


Europese meerval Europese meerval
Andere namen
 
Nederlands : Europese meerval
Wetenschappelijk : Silurus glanis
Engels : Wals
Duits : Wels
Frans : Silure Glane

Uiterlijke kenmerken

Lichaam langgestrekt, in de voorste helft rolrond, achter de aars zijdelings samengedrukt. Lengte meestal 1-1,5 m, maximaal 3 m (dan tot 150 kg zwaar). Kop zeer groot, breed en afgeplat, mondspleet eindstandig en zeer breed, inwendig met talrijke naar achteren gekromde haaktanden bezet. Opzij van de bovenkaak zit 1 paar zeer lange baarddraden, de kin draagt nog twee paar kortere baarddraden. Ogen zeer klein. Schubben ontbreken geheel, de zijlijn is wel volledig. Rugvin extreem kort. Aarsvin en staartsteel sterk verlengd, staartvin klein. Geen vetvin. Rugzijde meestal grijszwart of donkerbruin, flanken lichter met donkere marmertekening, buik witachtig, soms iets roze aangelopen.

Vinstralen: rugvin 3-5, aarsvin 84-92, borstvin 15-18, buikvin 11-13.



meerval in zijn natuurlijke omgeving meerval in zijn natuurlijke omgeving
Leefwijze en leefomgeving

De orde der Meervalachtigen (Siluhformes) telt wereldwijd ongeveer 2000 soorten, de meeste in de tropen. Meervallen zijn in de verte verwant met de karperachtigen en vertonen talrijke overeenkomsten daarmee in inwendige bouw. Het zijn ook 'primaire zoetwatervissen', dat wil zeggen dat de groep in zoet water is ontstaan en niet uit de zee is gekomen (zoals bijv. de baarsachtigen of de Aal). Deze reusachtige, vormenrijke groep wordt in ongeveer 30 families onderverdeeld, waarvan er slechts één, de 'Echte meervallen' iSiluridae) met twee soorten in Europa vertegenwoordigd is.

De Europese Meerval (S. glanis) is een solitair levende, standplaatstrouwe vis van langzaam stromende of stilstaande wateren met een zachte bodem. Hij is thermofiel en bewoont het liefst wateren die 's zomers een temperatuur van minstens 20 °C bereiken. Aan de waterkwaliteit en het zuurstofgehalte stelt hij weinig eisen, en in het mondingsgebied van rivieren dringt hij ook in brak water door. Hij is 's nachts actief, overdag schuilt hij weg onder boomwortels, overhangende oevers of op andere beschutte plaatsen, 's Nachts gaat hij op voedseljacht, waarbij hij alles eet wat in zijn bek past, naast vissen (vaak Zeelt) ook amfibieën, watervogels en kleinere zoogdieren. Bij het voedselzoeken spelen de gereduceerde ogen geen rol, wel zijn de geur, smaaken tastzin hoog ontwikkeld. Meervallen horen ook uitstekend, de geluidsgolven worden (net als bij Karperachtigen) door de zwemblaas versterkt en via een stelsel van verbonden beenstukjes (het 'Orgaan van Weber') naar het inwendige oor overgebracht. Bovendien bezitten ze elektroreceptoren, waarmee ze prooien kunnen waarnemen aan de hand van hun zwakke elektrische velden.

Meervallen paaien meestal tussen mei en juli, zodra de watertemperatuur boven 18 °C is gestegen. Ze zetten paarsgewijs af in ondiep water tussen dichte begroeiing, vaak worden ze tot afzetten opgewekt door plotselinge daling van de luchtdruk (bijv. bij naderend onweer). De eieren zijn ca. 3 mm in diameter en worden in een ondiepe kuil of een primitief nest van planten gelegd, of soms aan losgespoelde boomwortels e.d. gekleefd. Een vrouwtje kan per kilogram lichaamsgewicht ca. 30000 eieren produceren. Het nest wordt door het mannetje bewaakt, tot de eieren uitkomen, wat al na 310 dagen plaatsvindt. De jongen teren eerst op hun dooierzak en eten daarna kleine ongewervelde diertjes. De Meerval groeit zeer snel en kan aan het eind van de eerste zomer al een pond zwaar zijn geworden, 2-3 jaar oude dieren met een gewicht van 1-2 kilo zijn al geslachtsrijp. Over de leeftijd die ze kunnen bereiken gaan vele legenden rond, een ouderdom van minstens 80 jaar is al eens echt bewezen.


hier is goed te zien hoe breed de bek van de meerval is hier is goed te zien hoe breed de bek van de meerval is
Voorkomen en status

In West-Europa waren er tot halverwege de jaren negentig van de 20e eeuw slechts enkele rivieren waar de vis algemeen was, zoals de Saône in Frankrijk, de Po in Italië, de Ebro in Spanje en de Donau en hiermee in verbinding staande rivieren. Vooral op de Franse en Duitse rivieren is deze vissoort tegenwoordig enorm in opkomst. In de voormalige Oostbloklanden is de vis een heel gewone verschijning en de hoofdprooi van veel beroepsvissers. Het is bekend dat hij via Duitsland in de Maas komt. Omdat er in de Nederlandse rivieren niet commercieel gevist wordt, is niet bekend in hoeverre de meerval in de Waal en de Rijn voorkomt. Verwacht mag worden dat met de natuurontwikkeling in het Gelderse poortproject de meerval hier een gespreid bedje vindt.

Eind 2005 werd uit de Rotterdamse Leuvehaven een dode meerval met een lengte van ca. 1,50 meter opgevist. Het dier is overgebracht naar het Natuurhistorisch Museum Rotterdam.

De meerval staat op de rode lijst, en er mag dus niet op worden gevist. Omdat de Europese meerval bezig lijkt aan een opmars, zal hij mogelijk van de rode lijst worden geschrapt. Sportvissers zouden graag zien dat de vis net als andere vissen gekweekt en uitgezet mag worden.

In België is de meerval bekend uit het Schulensmeer, in Nederland komt hij voor in de Westeinderplassen bij Aalsmeer. Ook worden exemplaren gevangen in de wateren van Flevoland. Deze laatste populatie bestaat waarschijnlijk uit nakomelingen van uit de voormalige kweekvijvers van de OVB ontsnapte exemplaren. Een jonge meerval leeft voornamelijk van ongewervelde diertjes die hij op de bodem vindt, maar ontwikkelt zich al vroeg tot een meesterlijk jager op grotere diersoorten die hij in het water tegenkomt.

Tot voor enkele jaren kwamen meervalvangsten door sportvissers nauwelijks in Nederland voor, met uitzondering van enkele wateren in de Haarlemmermeerpolder. In de laatste decennia van de vorige eeuw kwamen er steeds meer meldingen van vangsten op de grote rivieren. Het lijkt erop dat de meerval aan een opmars bezig is vanuit de Duitse rivieren. De vis valt in Nederland onder de Natuurbeschermingswet. Er mag daarom niet op worden gevist, en evenmin mag hij worden uitgezet.




  
Terug naar home